Analyse aanslag: woede, wraak, terrorisme en mobilisatie

De aanslag op de krant Charlie Hebdo gisteren in Parijs is wereldnieuws. Mijn eerste korte reactie op Facebook heb ik in het Engels geplaatst: 'The horrible attack in Paris today is not only an attack on misguided journalists and a newspaper. It is also an attack on the social movements fighting against racism and islamophobia in Europe. That is why we should condemn it unequivocally. It will further generate and legitimize a climate of repression en oppression. In every way it is detrimental to our cause in our struggle against racism and islamophobia'.

In deze bijdrage wil ik dieper ingaan op de achterliggende analyse. In verschillende Europese landen komen sociale bewegingen op tegen racisme, islamofobie en internationale solidariteit met Palestina en het Midden-Oosten. Ze hebben tienduizenden mensen op de been gebracht, vooral jongeren. Bekeken tegen de achtergrond van de opkomst van extreemrechts in Europa vormt deze beweging een sterk tegenwicht tegen het racistische en islamofobische klimaat dat sinds 9/11 was ontstaan.
Zoals in iedere jongerenbeweging geldt ook voor deze beweging dat er een eeuwige discussie en spanningsveld is tussen gevoel en verstand. Bij aanslag zoals in Parijs komt als eerste het gevoel naar boven in plaats van het verstand. Dat geldt voor migrantenjongeren en voor witte Europeanen. Er gaapt een hemelsbreed gat tussen deze twee werelden.

Voor de witte Europeaan is de uitleg van Parijs heel simpel: moslimbarbaren hebben meedogenloos symbolen van vrijheid (satirische humoristische journalisten, cartoonisten) koelbloedig vermoord. Het is een aanslag op de vrijheid van meningsuiting, op de manier van leven als vrije mensen, op de democratie. Daarom is het tijd om je stem te laten horen in protesten, demonstraties en in actie. Geert Wilders roept: het is oorlog! En veel witte Europeanen zijn het met hem eens. Mensen worden door alle politici opgeroepen om te demonstreren onder de leuze “Wij zijn allen Charlie Hebdo”. En ook al ben je het niets eens met de beledigende cartoons van Charlie Hebdo, je moet op straat komen voor de vrijheid van meningsuiting.

Tegenover deze emotie staat de andere, en die draait rond één woord: hypocrisie. In Frankrijk is er een satirische humorist Dieudonne M”Bala die de spot drijft met de Joodse Holocaust. Maar voor hem golden andere normen over vrijheid van meningsuiting. Zijn voorstellingen werden begin januari 2014 verboden. Hij is niet geëxecuteerd. De executie van de journalisten van Charlie Hebdo heeft dus de emotie van de verontwaardiging van moord. Maar die emotie wordt verdedigd met de vrijheid van meningsuiting.
Waarom wel eisen dat vrijheid van meningsuiting geldt voor cartoonisten die de islam beledigen en tegelijkertijd eisen dat diezelfde vrijheid wordt ontnomen aan migranten humoristen die de spot drijven met de Holocaust? Waarom niet gewoon eisen: vrijheid van meningsuiting voor iedereen, en niet alleen voor witte Europeanen. Waarom zijn toen niet alle voorstanders van vrijheid van meningsuiting op straat gegaan met borden “Wij zijn allen Dieudonne”? Onder zwarte jongeren kun je een soortgelijk horen: een poster met de tekst. We zijn voor vrijheid van meningsuiting, behalve als je tegen Zwarte Piet bent. Op de poster staan boven mensen met een bord Vrijheid van meningsuiting en daaronder foto’s van de arrestatie van zwarte activisten in Gouda die de cel moesten vanwege hun mening tegen Zwarte Piet.

Er is onder jongeren – en niet alleen bij jongeren - een woede over deze hypocrisie. En die gaat veel verder dan de vrijheid van meningsuiting. Een mensenleven is veel waard, stelt wit Europa. Maar ze bedoelen: een wit mensenleven is veel waard. Want waar was de verontwaardiging van witte Europeanen toen afgelopen zomer niet 12 maar 2100 weerloze Palestijnen werden afgeschoten niet met kogels uit machinegeweren maar met Israëlische bommen die vanuit vliegtuigen werden afgeschoten. In Amerika demonstreren mensen met borden Black lives matter tegen politie-agenten die zwarte mensen vermoorden. Moslims vinden ook dat muslim lives matter. Maar dat vinden witte Europeanen niet. Want niet alleen in Gaza werden duizenden mensen gedood. Nog steeds worden door Amerikaanse drones onschuldige burgers gedood onder het motto 'collateral damage' (onbedoelde schade). Voor witte Europeanen geldt dat een wit mensenleven meer waard is dan een moslim mensenleven.

Dit zijn de redenaties die de gevoelens vertolken niet alleen van jongeren, maar van veel moslims. Er is een enorme woede over de hypocrisie. En die woede is terecht. De vraag is alleen: wat doe je met die woede? Wit Europa heet geen antwoord op deze woede. Sterker nog, haar hypocrisie is er de oorzaak van.

En hier komt dan het vraagstuk van strategie om de hoek kijken. Die woede weten extremistische groepen als Al Qaida en de Islamitisch Staat te vertalen in een strategie en die heeft een naam: WRAAK! Breng de oorlog van het Midden-Oosten naar Europa. Oog om oog, tand om tand. Hier moeten aanslagen gepleegd worden. Hier moeten mensen onthoofd en vermoord worden. Die strategie bevredigt de emotie van wraak. Sommigen zullen het niet openlijk durven zeggen, maar ze koesteren een bewondering voor de mensen die wraak hebben genomen op belediging en hypocrisie. En zo heeft extremisme een antwoord gegeven op de vraag: wat moeten we doen tegen racisme en islamofobie? Het antwoord is simpel: oog om oog, tand om tand.

Ik heb grote bezwaren tegen deze strategie, om morele en politieke redenen. De morele redenen is dat terrorisme ons dehumaniseert. Het brengt je in een vicieuze cirkel van wraak en wederwraak. Als je met geweld wordt aangevallen, dan vind ik het gerechtvaardigd als je je verdedigt met geweld. Toen Hitler Nederland aanviel, vond ik het gerechtvaardigd dat Nederlanders zich met geweld gingen verdedigen. Maar zelfverdediging is iets anders dan geweld toepassen in een situatie waarin je niet met geweld wordt aangevallen. Geweld is voor mij een kwestie van het ultieme middel, en niet iets waar je lichtvaardig over doet.
Boze jonge mensen die een enorme woede in zich dragen, hebben hier grote moeite mee. Daarom wil ik mijn politieke overwegingen uitleggen tegen de strategie van terrorisme. Het is goed om het verschil uit te leggen tegen terrorisme en gewapende strijd. Nelson Mandela heeft gewapende strijd gepropageerd in Zuid Afrika. Subhas Chandra Bose heeft in India gewapende strijd gepropageerd. Voor hen is gewapende strijd onderdeel van een bredere strategie voor de mobilisatie van grote massa’s mensen tegen een systeem van gewelddadige onderdrukking. De acties waren niet bedoeld als wraak, maar als motivatie en mobilisatie die moet leiden tot een massa-opstand tegen de onderdrukkers.

Het doel van terrorisme is niet de mobilisatie van massa’s. Het doel is angst zaaien bij de heersende macht. Maar de ervaring leert keer op keer dan de heersende macht nooit op basis van angst opereert, maar op basis van kracht. Terroristische aanslagen in Europa vormen geen bedreiging voor de heersende macht. Het is een instrument voor hen om grote groepen witte mensen te mobiliseren tegen sociale bewegingen die haar daadwerkelijk uitdagen. Met deze mobilisatie zet ze nieuwe instrumenten in tegen de sociale bewegingen: criminalisatie van activisten en versterking van het repressie-apparaat.
Criminalisering betekent dat elke moslim, en met name moslim activisten, verdacht zijn. Wie vandaag in dit klimaat tegen islamofobie demonstreert, wordt gebrandmerkt als iemand die terrorisme steunt en de aanslag in Parijs goedkeurt. Over twee weken zal dit minder zijn, maar de nasleep zal er zijn. Wie tegen Zwarte Piet demonstreert, zal al gauw gebrandmerkt worden als een activist met de potentie tot geweld. Dat is het effect van Parijs. Het versterkt de criminalisering van activisme.
Maar het biedt ook argumenten om de regering meer volmacht te geven om burgerlijke vrijheden in te perken. Moskeeën zullen strenger gecontroleerd worden. Activisten zullen meer dan voorheen nauwlettend in de gaten worden gehouden. Het klimaat van angst zal groeien. Extreem-rechts zal aanslagen doen op moskeeën. Om die redenen noem ik de aanslag van Parijs een aanslag op sociale bewegingen.

Wat zou ons antwoord moeten zijn op die aanslag? Ik denk aan drie zaken.
Ten eerste, we moeten een helder standpunt innemen over de strategie van terrorisme in de sociale bewegingen in Europa. Die strategie werkt tegen ons en moeten we alleen al om politieke redenen veroordelen, als je de morele redenen niet steunt.
Ten tweede, we moeten een antwoord formuleren op de hypocrisie in dit soort situaties. Daarom pleit ik voor leuzen als “vrijheid van meningsuiting voor iedereen”, en niet alleen voor één deel van Europa. Of “Elk mensenleven is evenveel waard”, en niet dat witte levens meer waard zijn dan zwarte levens.

Ten derde, er moet ook een organisatorisch antwoord komen op de woede over hypocrisie. Daarom stel ik voor dat 21 maart – de internationale dag tegen racisme – een massademonstratie wordt georganiseerd in Europa tegen islamofobie met deze twee leuzen: “vrijheid van meningsuiting voor iedereen” en “Elk mensenleven is evenveel waard”.

Sandew Hira
  1. vrijheid 14
  2. mensen 12
  3. meningsuiting 12
  4. witte 9
  5. europa 8