Imro Fong Poen is van maart 1982 tot juli 1986, minister van Transport, Handel en Industrie. Hij zit op één lijn met directeur Atta Mungra van de SLM. Beiden hebben een enorme revolutionaire - 'geloof in eigen kunnen'-ambitie,om de SLM te transformeren naar een geheel zelfstandig opererende luchtvaartmaatschappij met eigen vliegtuigen. Fong Poen schroomt er zelf niet voor de KLM (lees de Nederlandse regering) onder politieke druk tezetten. Ergo, al een paar maanden na zijn aantreden zegt hij het hele luchtvaartverdrag op tussen Suriname en het Koninkrijk der Nederlanden. Op de achtergrond speelde hierbij irritatie bij het militair gezag over de Nederlandse onwilalsnog tweehonderd miljoen gulden over te maken.
Suriname had ditbedrag uit eigen kas voorgeschoten om ontwikkelingsprojecten van vóór de coup overeind te houden. Directe aanleiding voor de opzegging is echter het provocerende gedrag van de ALM, die voortdurend met de SLM overhoop ligt omdat de luchtvaartmaatschappij met eigen machinesin het Caribisch gebied vliegt. Later schaft de SLM ook eigen vliegtuigen aan voorde route Paramaribo - Amsterdam vice versa. Gehuurd of niet, de vliegtuigen worden in de geelrode SLM- kleuren overgespoten en krijgen namen alsFajalobi, Standvaste, Sabaku, Tjon Tjon en Anthony Nesty. De tol die de SLM en de Surinaamse regeringbetalen om dit 'geloof in eigen kunnen'letterlijk in de lucht te houden, is naar het gevoel van vele mensenmede de oorzaak van de vliegramp.
De wisselplicht
Suriname komt medio tachtiger jaren te verkeren in een wurggreep van schaarse deviezen. Er ontstaat economische en financiële instabiliteit met een gierende inflatie en een levendige zwarte handel in vreemd geld. Reizigers naar - en van Suriname krijgen in 1984 een wisselplicht opgelegd. Voor de lezers die nu rond de vijfentwintig zijn even uitleg.Ga je op reis dan ben je verplichtbij de bank een vaststaand bedrag aan dollars te kopen. Niet-ingezetenen die Suriname bezoeken zijn verplicht vijfhonderd Surinaamse gulden op Zanderij te kopen. Als je Nederlandse guldens mee terug neemt naar Amsterdam en je kan deze - bij controle - niet verantwoorden, dan neemt de MP deze in beslag. Door de deviezenschaarsteschroeven buitenlandse luchtvaartmaatschappijen hun diensten vanuit Paramaribo omlaag. De SLM wordt medio 1986 op pijnlijke wijze geconfronteerd met het gebrek aan vreemd geld. Bij een tussenstop op Lisabon om bij te tanken, moet er plotseling contant betaald worden. De purser collecteert bij de passagiers. In Suriname krijgen ze hun geld terug. Vanuitbankrekeningen in Amsterdam en in Miami, betaalt de SLM de facturen voor huur van de machines en van de Amerikaanse bemanningen.Alleen passagiers die in valuta hebben ( laten) betalen kunnen zich het reizen veroorloven.
Democratie
Vlucht PY 764- op 6 juni in het late avonddonker vertrokken van Schiphol en op 7 juni in de vroege zeer dichte ochtendmist omstreeks 4 uur vlak voor Zanderij neergestort, had een groot sport - en ontspanningsevenement moeten worden met een enorme boost voor de verbondenheid tussen Surinamers daar en Surinamers hier. Die was intens geworden door enorme financiële steun voor - en pakketzendingen aan familie in Surinamedie erg leed onder de economische malaise van de jaren tachtig. De democratie was weliswaar in januari 1988hersteld met het aantreden van de regering Shankar, maar hij nam een lege schatkist over en een begrotingstekort dat werd gedekt door de geldpers te laten draaien. Er was een gierende inflatie, de deviezenreserve was uitgeput en veel kader trok weg uit Suriname. Ook bij de SLM.
De vliegramp voltrekt zich op het moment dat de politieke betrekkingen tussen Suriname en Nederland in een proces van herstel verkeren. Opnieuw voor de jongeren van nu: die waren bevroren - inclusief de ontwikkelingshulp - als reactie op acht december 1982 toen vijftien strijders voor herstel van democratie en rechtsstaat in Suriname onder verantwoordelijkheid van het militair bewind werden geëxecuteerd. In 1988 wordt ook het luchtvaartverdrag met het Koninkrijk der Nederlanden weer hersteld. Als politiek gebaar aan de regering Shankar kondigt de Antilliaanse regering aan dat de ALM weer op Suriname gaat vliegen. Andersom is de SLM weer welkom op Curaçao. De hervatting van de ontwikkelingssamenwerking verloopt heel moeizaam. Suriname zoekt naarstig naar geld maar voor de overmaking stelt Nederland nieuwe voorwaarden. Beide partijen lopen op eieren.
Een gemenebestrelatie
Op 11 juni 1989 vindt er in de RAI in Amsterdam een indrukwekkende waardige herdenkingsdienst plaats voor de slachtoffers van de SLM vliegramp. De verbondenheid met Suriname komt tijdens deze dienst met zeer veel emotie tot uiting. Niet alleen bij Ruud Gullit, maar ook bij premier Lubbers die zich in zijn toespraak eigenlijk afvraagt hoe het in Gods naam zover heeft kunnen komen. Daags daarna ontvouwt de Nederlandse premier eerst in beslotenheid vanCDA- collega ministers die nauw betrokken zijn bij Suriname, een plan om Suriname op een nieuwe en andere manier te helpen. Hij denkt aan een gemenebestrelatie, werkt deze nader uit en legt het plan op tafel van de ministerraad. De raad gaat akkoord maar vindt dat het verzoek tot bespreking van een gemenebestrelatievan de regering Shankar moet komen. Het plan wordt hierna zowel in maatschappelijk Surinaamsein Nederlandals in Suriname besproken. Er komt zelfs een gezamenlijke conferentie ter uitwerking van het gemenebestvoorstel. De Surinaamse regering doet echter niet mee aan dit maatschappelijk debat en koerst op volledig herstel van de ontwikkelingssamenwerking.Het plan sterf een zachte dood.Bij de verkiezingen van mei 1992 paktde politieke partij DA91 de gemenebestrelatie weer op en pleit zelfs voor de invoering van de Nederlandse gulden in Suriname.
De plannen voor een gemenebestrelatie - nogmaals duidelijk ontstaan in de dagen na de vliegramp - komen toch tot leven in juni 1992 als president Venetiaan tijdens een staatsbezoek aan Nederland met premier Lubbers het Raamverdrag voor Vriendschap en nauwe Samenwerking tussen de RepubliekSuriname en het Koninkrijk der Nederlanden tekent.Op deze herdenkingsdag leef ik met de gedachte dat wij Surinamers ditRaamverdrag te danken hebben aan hen die het leven lieten bij de SLM vliegramp van 7 juni 1989.Voorwat het kleurrijk elftal betreft, die boost voor de verbondenheid tussen Suriname en Nederland is er alsnog gekomen.