Onzuivere houding politiek niet bevorderlijk

Naarmate de politieke verkiezingen van 2015 naderen, merken wij dat een aantal politici moeite heeft om eerlijk en oprecht voor de dag te komen. Deze politici hebben – net als een deel van de bevolking – een verkeerd beeld van de politiek. Er moet volgens hen een discrepantie zijn tussen het mooie wat men het publiek voorhoudt op podia en wat de realiteit is. Dat heeft te maken met mooie podiumtaal, waarvoor sommigen uit huis gaan. De verkiezingscampagnes draaien om een show en velen verliezen daarbij uit het oog dat men moet waken voor de eigen belangen. Men moet zich niet voor de gek laten houden door politici die uit zijn om macht te krijgen op de staatsbegroting (lees: de uitgaven van de regering). Nu al zien we dat het er veel weg van heeft dat politici moeite hebben om oprecht voor de dag te komen. We zien zo bijvoorbeeld dat op de activiteit van de KTPI en de PL de NPS niet noemenswaardig aanwezig is. We weten dat in de vorige regeercoalitie (2005-2010) er ruzie was tussen de NPS en de PL. De PL hield huis op haar ministeries en vooral RGB, waarvoor uiteindelijk de (NPS-)voorzitter verantwoordelijk werd geacht. De spanning kwam ook doordat de PL de deur op RGB dicht hield voor de NPS – waardoor de politici die zaken wilden regelen voor schut werden gezet voor hun achterban – in tegenstelling tot de VHP. Politici uit deze partij konden wel zaken gedaan krijgen. Het afketsen van een samenwerking tussen de NF-partijen met de PL voor de verkiezingen in 2010 had te maken met de ferme houding van de toen nog sterke NPS. Het halen van de PL nu naar het NF wordt meer gezien als een move van de VHP. De gemarginaliseerde NPS heeft niet veel meer in de melk te brokkelen. Het zou vreemd zijn als er geen overblijfselen meer waren van het ongenoegen van de NPS jegens de PL. De PL wordt wel eens getypeerd als de nagel aan de doodskist wat betreft de NPS, het wordt getypeerd als de hoofdaanleiding voor het decimeren van de partij. Wat het effect van het aanwezig zijn van de PL in NF zal betekenen voor de VHP-aanhang is onbekend, maar voor de NPS zal het wellicht een verdergaande negatieve uitwerking hebben. De NPS-voorzitter was niet lijfelijk aanwezig in Commewijne, terwijl de andere voorzitters er wel waren. Er was wel een NPS-afvaardiging aanwezig was onder wie een waarnemend voorzitter van de afdeling NPS van Commewijne, dus niet eens de voorzitter. Dat is een duidelijk politiek signaal dat de NPS niet content is met de aanwezigheid van de PL in het geheel, maar de NPS probeert dit te verbergen. Ten aanzien van de oprechtheid en het voor de gek houden moet opgemerkt worden dat menigeen zich erop betrapte dat er geen zinnig woord meer op te vangen valt uit de mond van de PL-voorzitter, vooral wat betreft de kiezer die wil weten wat de PL voor hem/haar kan betekenen. De PL heeft geen plannen voor het verhogen van het welzijn van de bevolking, maar zal naar het schijnt tot mei 2015 maar haar wonden blijven likken dat het uit de nabijheid van de honingpotten is weggejaagd. De langspeelplaat is al maanden bij hetzelfde liedje blijven vaststeken. Ook in de zaak van de verjaardag van de Juspol-minister zien wij dat aan beide zijden pogingen worden ondernomen om het volk te bewerken. De hele waarheid komt niet naar buiten, alleen maar halve waarheden. Aan de ene kant wordt de zaak gebracht alsof de minister zijn verjaardag heeft gevierd met staatsgelden in de trant van Alice Amafo. Wat men verzwijgt te vertellen, is dat de zaken verschillen; bij vieren denkt men in Suriname aan eten en sopi. Bij de Juspol-minister gaat het nu niet om eten en drinken maar om donaties, echter zou hij deze wel hebben geassocieerd met zijn jaardag, waardoor bij de ontvangende partij wellicht de indruk kan ontstaan dat de donaties van de minister persoonlijk afkomstig zijn. Ministers hebben zich in het verleden enige vrijheid veroorloofd als het gaat om het besteden van het ‘representatiegeld’ dat men kan declareren. Onduidelijk is of een donatie ‘in verband met de jaardag van de minister’ aan een sociale instelling wel kwalificeert. De minister zelf, die zich van meet af aan meer als politicus dan als minister heeft geprofileerd, geeft een halve uitleg en begint heel snel om zich in een slachtofferrol te manoeuvreren, net als een deel van de achterban van de partij waaruit hij komt. Men is altijd slachtoffer, men wordt anders behandeld en als men in de fout gaat, is de schuld ook weer bij iemand anders. De minister brengt het in de media zodanig dat zijn aanhang zich met hem kan associëren als slachtoffer. En de boosdoener is weer Santokhi en de VHP, zoals hij het was in 2010. Het is ook zeer ongepast dat een minister zijn voorganger constant neerhaalt. De VHP is zwaar in het geweer tegen corruptie, maar de mannen die de partij voor de kar spant, missen geheel en al de geloofwaardigheid bij de bevolking, en dat vanwege hun eigen achtergrond, die in de periode 2010 tot heden naar buiten is gekomen. De VHP moet verse mannen en vrouwen vinden om de zaken – die wel degelijk relevant zijn – aan te kaarten. De zaken die deze VHP-mannen brengen, zijn wel relevant, maar worden toch sceptisch ontvangen. Wat recent zeker opviel, is dat aan de ene kant de PL zegt een nationale partij te zijn, maar steeds benadrukt een Javaans karakter te hebben. Deze tegenstrijdigheid begrijpt alleen de PL-voorzitter en personen die hem blindelings aanhangen. Opvallend is zeker de aanwezigheid van twee Javaans georiënteerde partijen in het NF. Wie wordt de leider? De PL-voorzitter zal dat claimen, omdat hij zelfs zover gaat om interne verwikkelingen van de KTPI in het openbaar te bespreken, terwijl Soemita dat niet ongevraagd doet. Bij deze wordt een oproep gedaan aan de politici om de campagnevoering zuiver te houden en geen pogingen te ondernemen om de kiezer in de maling te nemen.

  1. nps 14
  2. minister 9
  3. politici 7
  4. voorzitter 7
  5. vhp 7