Sranan Sabiman : Arowakken

De Arowakken of Arawakken zijn een volk van indianen die zich tegen het einde van de 15e eeuw hadden gevestigd in het hedendaagse Suriname, op de Antillen, in het Amazonebekken, in Florida en aan de voet van de Andes.

Oorspronkelijk werd de naam Arawak gebruikt voor een machtige stam in Guyana en Suriname. De stam werd een bondgenoot van de Spanjaarden omdat zij traditioneel vijanden waren van de Cariben met wie de Spanjaarden in oorlog waren.

Rond Sipaliwini wonen al 15.000 jaar inheemsen

De bekendste groep waren de Taíno, die op Hispaniola, Puerto Rico, en het oostelijke uiteinde van het eiland Cuba leefden (of leven, als we de Arowakken die zichzelf tegenwoordig de Taino noemen, meetellen). De Arowakken die op de Bahama's leefden werden de Lucayan genoemd.

Suriname

Ongeveer vijfduizend jaar geleden trokken Arowakken die langs de Orinoco leefden (Barrancos-cultuur) vanuit het westen de Guyana's (het latere Suriname, Frans- en Brits Guyana) binnen, en verdreven de oorspronkelijke Indiaanse bevolking van de kuststreek naar de savanne.

Ze gingen op een soort terpen langs de kust wonen, en leefden van landbouw. Omstreeks 1100 vielen Cariben het gebied binnen. Aan de terpencultuur kwam een einde; de Arowakken leefden vanaf die tijd van kostgrondjes meer in het binnenland.

Arowakse vrouwen waren goede pottenbaksters. Ze werden vaak door Cariben ontvoerd. Zo kwam Arowaks aardewerk bij de Cariben terecht.

Arowak vrouw
– litografie van Stedman –

In Suriname woonden aan het eind van de 18e eeuw zo'n zeventigduizend Arowakken. Tegenwoordig leven er in Suriname nog drieduizend, en in Nederland ongeveer 500.

De Arowakken, die ooit samen met de Cariben de oorspronkelijke bevolking van Suriname vormden, zijn thans de kleinste bevolkingsgroep in Suriname. Ze noemen zichzelf Lokono of Lokonon.

Arakwatalen

De talen die zij spraken behoren tot de Arawaktaalfamilie. Deze Arawaktalen zijn een inheemse taalfamilie van Zuid-Amerika en de Caraïben.

De talen die als 'arawakisch' bekendstaan werden eind 19e eeuw als een taalfamilie erkend. Vormen van Arawak zoals het Lokono worden nog steeds in Suriname gesproken.

Arowakkaanse talen
– verspreiding in Zuid-Amerika –

Arowakken voor Columbus (tot 1492)

Archeologische opgravingen wijzen uit dat rond 10.000 voor Christus, en mogelijk eerder, de oudste bewoners van Amerika, de Paleo-inheemsen of Paleo-Amerikanen, zich vestigden in de Sipaliwinisavanne.

Dit waren nomadische jager-verzamelaars, en het archeologisch materiaal (vuistbijl, chopper, stenen pijlpunt, etc.) komt overeen met materiaal dat in Europa uit de oude steentijd of paleolithicum wordt gevonden.

Oude kaart van Suriname
– Nederlandse cartograaf –

Rond 3000 voor Christus vestigden zich aardewerk producerende agrarische gemeenschappen nabij de benedenloop van de Corantijn, waar zij verbleven tot ongeveer 500 v.Chr.

In Suriname is er archeologisch bewijs dat deze gemeenschappen zich vestigden aan de Kaurikreek en aan de Maratakka. Dit waren (semi-)sedentaire landbouwers, en het archeologisch materiaal (aardewerk en landbouw) komt overeen met wat in Europa de nieuwe steentijd of Neolithicum wordt genoemd.

Arowakken woonden rond de Corantijn en de Wonotobovallen

Archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat er aan de Corantijn, bij de Wonotobovallen, tussen de jaren 70 en 650 er Saladoïde en Barrancoïde aanwezigheid was, die wordt algemeen geassocieerd met Arawakkan-sprekende volken en een intensivering van de landbouw.

De huidige Lokono of Arowakken zijn een Arawakkan-sprekend volk. In deze periode vindt er een toename plaats van het aantal archeologische vindplaatsen in Suriname.

Rond 500 trokken afstammelingen van deze Arowakken van deze Mabaruma-cultuurfase vanuit het Westen het laagland van de Guyana's binnen en verdreven waarschijnlijk de Surinen, een volk dat leefde van visvangst en schelpdieren. Van deze Surinen is waarschijnlijk de naam Suriname afkomstig.

Arowakken in de palmentuin
– Paramaribo, 1880 –

De Arowakken vestigden zich vooral langs de kust, maar trokken ook via de rivieren het binnenland in. Ze vormden waarschijnlijk een goed ontwikkelde beschaving die vanwege de veel voorkomende overstromingen in de moerassen van het kustgebied kleiterpen opwierpen om hun vruchtbare landbouwgrond en woongebied te beschermen.

Ze waren daar vooral landbouwers, vissers en verzamelaars. Ze cultiveerden cassave, ananas, kalebas, papaja, tabak, katoen en pijlriet en richtten een bloeiende samenleving op.

Al rond 750 werden er potten gebakken in Suriname

Rond 750 is er een aanwezigheid van Koriabo, een archeologische cultuur die genoemd is naar de Koriabokreek in Guyana, waar dit type aardewerk voor het eerst is aangetroffen en beschreven.

Tussen 750 en 1500 verspreidde dit type aardewerk zich over Guyana, van wat nu Braziliaans-Amapá is, Frans-Guyana, Suriname, Guyana, en Venezuelaans-Guayana.

Arowakkaanse klederdracht
– Nederlandse illustratie, 1830 –

Koriabo wordt algemeen geassocieerd met Cariban-sprekende volken die de voorouders zijn van de huidige inheemse volken, zoals de Kalinya, Carib, Trio en Wayana.

Door de komst van de Europeanen in Suriname werden de inheemse sociaal-politieke structuren ernstig verstoord

Hoewel de talen en culturen van de verschillende Cariban- en Arawakkan-sprekende volken met uitsterven bedreigd zijn, worden zij nog altijd levend gehouden door de huidige inheemse bevolking.

Overige landen met Arowakken


— UW MENING —

Wist u dat Suriname zo'n rijke geschiedenis van inheemsen heeft?