Sranan Sabiman : de Troepenmacht in Suriname

TRIS-militairen / rond 1900
– Foto : W. van de Poll –

De achtergrond

De Troepenmacht in Suriname (kortweg TRIS) was het Nederlandse koloniale leger in Suriname.

De TRIS ontstond uit het 27e Bataljon West-Indische Jagers. De West-Indische Jagers waren al in 1814 als onderdeel van de Koninklijke Landmacht opgericht om dienst te gaan doen in de Nederlandse kolonies.

De TRIS kent haar oorspong al in 1814

Op 16 oktober 1868 werd dit 27e bataljon in twee delen verdeeld: het ene deel ging verder als "Troepenmacht op Curaçao" het andere deel vormde de "Troepenmacht in Suriname", die als taak het verdedigen van Suriname had.

De TRIS werd ondergebracht bij het Ministerie van Koloniën. In 1939 werd de TRIS versterkt met de Surinaamse Schutterij.

Het embleem van de TRIS
– Foto : T. de Vries –

Tot 1957 viel de TRIS onder het toenmalige Ministerie van Koloniën, maar na opheffing daarvan ging de TRIS weer deel uitmaken van de Koninklijke Landmacht en werd ingedeeld bij het Regiment Infanterie Oranje Gelderland.

De hoofdkazerne van de TRIS was de Prins Bernhardkazerne aan de Verlengde Gemenelandsweg in Paramaribo. Verder waren er kampementen in Zanderij, Albina, Nickerie en Brownsweg.

In 1975 werd de TRIS - na ruim 100 jaar - opgeheven

Bij de soevereiniteitsoverdracht van Suriname op 25 november 1975 werd de TRIS opgeheven. De gebouwen en materieel gingen over naar de nieuwe Surinaamse Krijgsmacht. Ook een deel van het personeel stapte over.

De Prins Bernhardkazerne werd tenslotte omgedoopt tot Memre Boekoe-kazerne.

De geschiedenis

Vanaf 1667 werden er door verschillende Europese landen pogingen ondernomen om Suriname aan zich te onderwerpen.

In 1814 werden in dat perspectief voor het nieuwe Nederlandse leger wederom bataljons Jagers geformeerd dat eerst nog een bescheiden rol speelde bij de Slag bij Waterloo.

Toen in 1815 Suriname definitief onder Nederlands gezag kwam te staan werd zij verdedigd door twee bataljons jagers, waaraan later één bataljon artillerie werd toegevoegd.

Een Nederlandse infanterist
– Suriname, 1834 –

In 1818 werden de bataljons hernoemd en in 1821 werden zij samengevoegd tot het 27e bataljon. Op 16 oktober 1868 wordt dit bataljon weer in twee delen verdeeld (Suriname en Curaçao) en maakte deze troepenmacht geen deel meer uit van het Nederlandse leger

De hieruit ontstane "Troepenmacht in Suriname" (TRIS) heeft als belangrijkste taak het verdedigen ons land.

Deze TRIS wordt op dat moment ondergebracht bij het Ministerie van Koloniën. De kosten van de verdediging van ons land kwamen hierdoor niet meer ten laste van het ministerie van defensie maar van het ministerie van koloniën.

De TRIS was er om ons land te verdedigen

De bepalingen van het koninklijk Nederlands-Indisch leger (K.N.I.L.) werden door deze verschuiving mede van kracht voor de troepenmacht in Suriname. Suriname kreeg twee compagnieën infanterie en twee compagnieën artillerie, waardoor de totale sterkte 636 man bedroeg.

De taken van deze troepen bestonden voornamelijk uit politiediensten en het lopen van patrouilles voor uiterlijk machtsvertoon.

Na de slavernij

Na de afschaffing van de slavernij in 1863 kwam er een grote emigratie vanuit Nederlands-Indië op gang. Mede hierdoor kwam er een grote verscheidenheid aan bevolkingsgroepen in Suriname, zoals: Indianen, Javanen, creolen, bosnegers, bonninegers, Chinezen en Europeanen.

In 1907 werd de sterkte van de troepenmacht teruggebracht tot 299 man. Aangezien er stemmen opgingen om de troepenmacht geheel op te heffen, werd er in 1911 een commissie van onderzoek ingesteld. Deze kwam tot de conclusie dat een kleine militaire macht in Suriname niet kon worden gemist.

Nederlandse infanterie en artillerie
– Suriname, 1897 –

Toen in 1929 ongeregeldheden op Curaçao uitbraken werd er steun vanuit Suriname verleend ter grootte van 41 man. In 1939 wordt de TRIS versterkt met de Surinaamse Schutterij.

De Tweede Wereldoorlog

Na het uitbreken van de tweede wereldoorlog werden alle N.S.B.'ers, Duitsers en andere verdachte personen geïnterneerd. Aangezien Suriname een belangrijke leverancier van bauxiet was namen de Amerikanen de verdediging van de bauxietmijnen voor hun rekening om zodoende de belangen voor de vliegtuigindustrie veilig te stellen.

Tevens werd de troepenmacht sterk uitgebreid door mariniers uit Curaçao te sturen en door twee lichtingen van de prinses Irene brigade uit Engeland over te zenden. Uit de burgermaatschappij werd het bataljon stads- en landwachten opgericht, waarin ook een compagnie van het vrouwen hulp korps (V.H.K) was opgenomen.

Nieuwe lichting TRIS miliairen
– Ad van Sundert, rond 1960 –

Door al deze activiteiten groeide het troepencommando en werd dit op 2 april 1942 door een territoriaal commando vervangen. In 1944 bedroeg de totale sterkte 3850 man, die na de tweede wereld oorlog weer snel werd ingekrompen door het bataljon stads- en landwachten op te heffen en de schutterij te demobiliseren.

Na de oorlog

Met het opheffen van het territoriaal commando op 31 mei 1946 werd het troepencommando weer ingesteld. Ook werd door de opheffing van het K.N.I.L. op 26 juli 1950 de troepenmacht onderdeel van de koninklijke landmacht.

Ingevolge het statuut van het koninkrijk der Nederlanden van 8 februari 1954 werd Suriname autonoom. Eén van de in het statuut vermelde gemeenschappelijke aangelegenheden van het koninkrijk was de defensie van het land.

S.S. Cottica met TRISSERS
– Op weg naar Paramaribo, rond 1927 –

Er werd bepaald dat de handhaving van de onafhankelijkheid en de verdediging van Suriname een koninkrijksaangelegenheid was. Dit hield dus in dat Suriname geen leger of vloot zou hebben waarover het naar eigen goeddunken kon beschikken.

Tot 1957 valt de TRIS onder het toenmalige Ministerie van Koloniën, maar na opheffing daarvan gaat de TRIS weer deel uit maken van de Koninklijke Landmacht en wordt ingedeeld bij het infanterieregiment Oranje Gelderland.

Het Beets Kamp
– Chris van Dijk, rond 1960 –

De organisatie welke op 11 augustus 1959 tot stand kwam bleef behoudens kleine wijzigingen en verschuivingen tot de onafhankelijkheid dezelfde.

In 1975 nam de Surinaamse krijgsmacht (S.K.M.) de taken van de troepenmacht over en werd deze opgeheven.

Bron : Wikipedia / Tris Online


— UW MENING —

Heeft u nog herinneringen aan "de Jantjes" ?